Vroeggeboorte

Te nieuwsgierig: Demi werd al na 26 weken geboren en is tóch kerngezond

In Nederland worden er ruim 15.000 kinderen te vroeg geboren per jaar. Waaronder Demi de Jong uit Purmerend. Zij is negentien jaar geleden na 26 weken geboren en woog 885 gram. Hoewel prematuur geboren kinderen grote kans hebben op het krijgen van een ontwikkelingsstoornis, beperkingen en handicaps is geneeskundestudent Demi volledig gezond. Met de presentaties die zij geeft in verschillende ziekenhuizen én haar ambassadeurschap voor de Emma Stichting lijkt zij het perfecte rolmodel voor vroeggeboren kinderen met wie het wél goed gaat. Haar grote droom? Kinderarts worden. “En dan het liefst op de neonatologieafdeling met vroeggeboren kindjes.”

Na 24 weken werd Demi’s moeder heel erg ziek en kreeg ze weeën. “Ze kreeg weeënremmers, want pas vanaf 25 weken zouden ze me aan de beademing leggen.” Dankzij nieuwe technologieën ligt deze grens tegenwoordig bij 24 weken. “Ook kreeg m’n moeder prikken om mijn longen rijp te krijgen. Als je longen nog niet rijp zijn en je wordt toch aan de beademing gelegd, kunnen ze namelijk knappen.” Na 26 weken waren de weeën niet meer tegen te houden en werd Demi geboren. De oorzaak van de vroeggeboorte van Demi is nooit gevonden. “Mijn jongere zusje werd twee weken te laat geboren en woog negen pond. Dat is wel een groot contrast”, vertelt ze lachend

Maar echt lachen geblazen was het niet die eerste periode in Demi’s leven. “Na mijn geboorte ging ik meteen naar de Intensive Care in het Amsterdam Medisch Centrum, hier heb ik een maand aan de beademing gelegen. Alle prematurenkwaaltjes heb ik wel gehad: geelzucht, kortademigheid en groeiachterstanden.” Na die maand aan de beademing mocht ze naar het Waterlandziekenhuis in Purmerend, dichter bij huis. Hier werd ze verplaatst naar High Care. “Voor de familie was dit al een mijlpaal. Dit is iets minder intensief en mijn ouders mochten dag en nacht bij me zijn.” Demi heeft hier nog twee maanden gelegen, hierna mocht ze naar huis. “Thuis had ik wel nog een pompje en snorretjes in mijn neus om mij te helpen ademhalen. Mijn ouders hebben het altijd over de vele, nare slangetjes die uit mij kwamen.”

In de eerste anderhalf jaar had Demi veel ademhalingsproblemen. “Ik had het altijd heel benauwd en moest vaak met spoed naar het ziekenhuis. Ik ben hier gelukkig overheen gegroeid.” Ook kreeg ze altijd extra inentingen en griepprikken vanwege haar lage weerstand. Buiten dit was Demi erg gezond. “Het ging altijd in een stijgende lijn volgens mijn vader. Wel had ik altijd groeiachterstanden en was ik erg klein”, vertelt Demi verder. “Toch kon ik erg snel lopen en had ik dus al snel schoentjes nodig. M’n moeder ging met deze met haar zus kopen in een babyzaak. De verkoopster kon gewoon niet geloven dat zo’n klein baby’tje al kon lopen. ‘Dat is niet mogelijk mevrouw’, kreeg mijn moeder te horen. Ze is toen boos de winkel uitgelopen.”

Demi is altijd al erg benieuwd geweest waar ze nou ‘vandaan komt’. Dus mailde ze twee jaar geleden ieder academisch ziekenhuis met een neonatologie afdeling, voor vroeggeboren kinderen, in de provincie. “Een arts in het AMC, Anne, reageerde erg leuk. Ik mocht met haar meelopen en was super enthousiast.” Die dag kreeg een minder leuke wending, Demi viel midden op de afdeling flauw. “Anne was enthousiast aan het vertellen en het waren zoveel indrukken. Die baby’tjes zijn zo bizar klein, het is lastig voor te stellen dat je er zelf ook zo bij hebt gelegen.”

Toch is haar interesse voor vroeggeboorten gebleven. Ze schreef er zelfs een profielwerkstuk over, waarmee ze een prijs won. “’Wat is de invloed van vroeggeboorte op de levensloop van een kind, op lange en korte termijn?’, was mijn onderzoeksvraag. Er reageerden ontzettend veel ouders op mijn enquête, 334. Dat vond ik zo bijzonder.”

“Een vroeggeboorte kan levensbepalend zijn, toch merk ik er vandaag de dag nog weinig van. Ik heb mijn vwo afgerond en zit nu in het eerste jaar geneeskunde aan de VU, het ‘perfecte’ plaatje van hoe het wel goed kan gaan.” Demi raakte door haar profielwerkstuk in contact met lotgenootjes. “Eén meisje dat ook te vroeg geboren was kreeg een burn-out en moest stoppen met school en stage omdat ze de druk niet aankon. Het is gek om te zien dat dat bij mij zo anders is.” De uitkomst van Demi’s onderzoek was uiteindelijk vrij algemeen: ‘Hoe vroeger en hoe lichter je geboren wordt hoe meer kans op problemen.’ “Elk kind is anders dus het antwoord op mijn onderzoeksvraag was best lastig te constateren.”

Dit profielwerkstuk van Demi kreeg nog een lang staartje. “Ik had nog steeds contact met Anne en mailde haar mijn profielwerkstuk. Zij vroeg of ik hier een presentatie over wilde geven aan de artsen van haar afdeling.” Vervolgens werd Demi gevraagd om een artikel te schrijven in ‘Kleine Maatjes’, het tijdschrift van AMC voor ouders van vroeggeboren kinderen. “Superleuk, want mijn ouders lazen dit vroeger ook als steun.”

Na een halfjaar werd Demi nogmaals gevraagd om te spreken in het AMC, ditmaal op symposium. Een groot congres voor artsen en verpleegkundigen, georganiseerd door Vereniging Ouders van Couveusekinderen en Stichting Steun Emma. “VU en AMC gaan samen een nieuwe neonatologieafdeling opzetten, hier is geld voor nodig en dat regelt de Emma Stichting.” Tijdens het symposium kreeg Demi een grote verrassing. “Ik kreeg de ereprijs omdat ze me zo goed bij de stichting vonden passen. Ze vroegen of ik ambassadeur wilde worden, natuurlijk wilde ik dit. Na mijn presentatie kwamen er nog veel mensen naar mij toe, waaronder de directrice van de stichting. Ik heb op deze manier zoveel contacten opgedaan. ”

Later werd Demi gevraagd om mijn verhaal nog eens te doen in het nieuwe boekje voor Stichting Emma. “Ik werd uitgenodigd voor de officiële presentatie van het boek in het De La Mar theater. Ik zei nog tegen m’n moeder: ‘Ik hoef toch niet het podium op hè?!’ En jawel hoor, er werd gevraagd of ik even naar voren wilde komen. Ik kreeg het eerste exemplaar uitgereikt. Superspannend maar stiekem toch wel een grote eer.”

Demi krijgt regelmatig de vraag waarom ze nou zo graag dokter wil worden. Is ze door haar verleden niet juist bang voor ziekenhuizen? “Nee hoor, wel ik ben ik als de dood voor prikken. Dit zal daar wel iets mee te maken hebben.” Toch zal dat Demi’s grote droom om kinderarts te worden niet in de weg staan.  “Hoe bijzonder is dat, een prematurenarts die prematurenbaby’s behandelt.”

 

Lijkt het je leuk om vaker dit soort teksten te lezen? Schrijf je dan nu in voor mijn nieuwsbrief en mis niks!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *